Een buffet van verhalen

Als liefhebber van speculatieve literatuur kun je niet om korte verhalen heen. De term ‘speculatief’ suggereert namelijk al dat het in deze vorm van literatuur gaat om de verkenning van ideeën, wat soms wordt aangeduid door de vraag: ‘Wat als … ?’ Het korte verhaal is de meest efficiënte vorm om een idee voor te stellen en de consequenties ervan te verkennen – zonder afleidende poespas. Wie zoekt naar een sense of wonder krijgt daarvan de meest geconcentreerde dosis in de vorm van korte verhalen. Auteurs kunnen zich hierin helemaal laten gaan en experimenteren met genre, vorm, perspectief en proza. Iets nieuws uitproberen en risico’s nemen is immers makkelijker als het maar om een paar duizend woorden gaat, dan als het een boek van vijfhonderd pagina’s moet zijn. Als lezer kan ik genieten van een kort verhaal geschreven in de vorm van de voetnoten bij een artikel, of als de informatieteksten bij een tentoonstelling, maar om een hele roman te lezen in de vorm van de tweets van de hoofdpersoon lijkt me wel wat vermoeiend. Korte verhalen maken het ook mogelijk snel kennis te maken met verschillende auteurs – je hoeft niet eerst een heel boek van ze te lezen maar ontdekt meteen wat hun stijl is en met welke onderwerpen ze zich bezighouden.

Sommige lezers lijken geen interesse te hebben in korte verhalen, maar volgens mij lopen ze daardoor heel veel mis. Net als langer werk bevatten korte verhalen ook hoofdpersonen met wie je kunt meeleven, maar je maakt ze maar even mee. Ze bevatten ook werelden om te verkennen, maar je focust op één aspect ervan. Ze zijn ook spannend, maar de opbouw is niet zo lang. Vooral zijn ze afwisselend. Een roman is alsof je een groot gerecht bestelt in een restaurant. Hopelijk bevat het meerdere smaken en texturen, die elkaar aanvullen, maar het vormt uiteindelijk één geheel. Een kort verhaal is een hapje – op zichzelf misschien niet genoeg om je honger te vervullen, maar het kan wel verrassen met een unieke smaak, een bijzondere combinatie van texturen of een exclusief ingrediënt. Vaak smaakt het ook naar meer. Serveer je meerdere hapjes bij elkaar, dan heb je iets als tapas of een buffet. Allerlei ervaringen tijdens één maaltijd. En zit er iets tussen dat je niet lekker vindt? Dan hoeft dat niet het hele diner een mislukking te maken. Want tussen al die gerechten zit ook vast genoeg dat je wel kunt waarderen.


Wie zich verdiept in de geschiedenis van het fantastische genre kan niet om de korte verhalen heen. In de negentiende eeuw verschenen al talloze spookverhalen en gothic stories – die de basis vormen voor de horrorliteratuur. Voor de Tweede Wereldoorlog werden tal van tijdschriften gedrukt op goedkoop papier (‘pulp’). In deze periode ontstond de SF, die zich ontwikkelde van avonturen in de ruimte tot exploratie van gedachte-experimenten. Maar tegelijk debuteerde Lovecraft met zijn verhalen in het pulptijdschrift Weird Tales. Robert E. Howard schreef over de barbaar Conan en zijn verhalen legden de basis voor wat later het Sword & Sorcery-genre zou worden.

Ook Nederlandse SF-, fantasy- en horrorschrijvers hebben zich altijd al beziggehouden met korte verhalen. De Ganymedes-jaarbundel verscheen voor het eerst in 1976 en er is een rijke geschiedenis van genretijdschriften in ons taalgebied, waarvan sommige maar een paar keer uitkwamen. Nu nog verschijnen er Nederlandse korte verhalen in Fantastische Vertellingen, HSF, SF Terra, Grim en WonderWaan. Daarnaast verschijnen er elk jaar nog steeds Ganymedes en daarnaast EdgeZero en door redacteurs samengestelde bundels bij Uitgeverij Macc en Poespa. Verhalenwedstrijden zijn er ook in ons taalgebied. De bekendste zijn de Harland Awards, een wedstrijd die al sinds 1976 wordt georganiseerd. Dit jaar mocht ik aan de eindjury deelnemen. Ik kwam bij het lezen een paar pareltjes tegen! Natuurlijk zaten er ook verhalen bij die me minder aanspraken en uit sommige inzendingen bleek dat de schrijvers zelf niet veel korte verhalen hadden gelezen - ze gebruikten bijvoorbeeld hoofdstuktitels in hun verhaal. Nog een reden om ook als schrijver veel korte verhalen te lezen, wat mij betreft! Je kunt je bijvoorbeeld wagen aan de verhalenbundels van individuele schrijvers. Quasis publiceerde van Marcel Ozymantra de bundel Schrödingers planeet met kleurrijke verhalen die spelen met vorm en taal, waarbij vaak een gevoel van vervreemding wordt opgewekt. Tussendoor komt de lezer ook nog enige maatschappijkritiek tegen. Jasper Polane publiceerde de bundel Tussenruimte met verhalen die zich afspelen in de rijke verhaalwereld van de roman Zwartruimte – vol steengoede ideeën en met tijdreisverhalen die de lezer meenemen naar relatief onbekende, maar goed weergegeven periodes in de wereldgeschiedenis. Zijn personages zijn ook sterk neergezet. Uitgeverij Quasis bracht ook enkele mini-bundels uit van auteur Eiso Post als deel van de Splinters-reeks. Sowieso zijn de Splinters aan te bevelen – korte verhalen in boekjes van zakformaat, zodat de auteur kennis kan maken met het werk van verschillende auteurs. Wat mij betreft heel erg de moeite waard zijn het geweldige Breekbaar van Debby Willems en het beklemmende L.O.O.P. van Anthonie Holslag.


Johan Klein Haneveld

SF-Schrijver


Deel dit artikel

X LinkedIn